Gisteravond gebeurde het weer. Mijn dochter kwam dichtbij, haar gezichtje bijna tegen het mijne. Zo’n moment waarop de wereld even stilvalt. Ik altans wel, ik smelt. Intiem. Zacht. Van die momenten die je later wilt onthouden. Even wilt vastleggen, of inlijsten.
En toen fluisterde ze.
Alleen… ik hoorde haar niet.
Ze mocht die avond in mijn bed in slaap vallen. Alleen dat lukte haar niet. Ze had me geroepen, dus ik kwam. Ze had nog één vraag. Dus ik liep naar het bed, aaide haar over haar krulletjes. En toen gebeurde het.
Een fractie van een seconde twijfel. Zeg ik eerlijk dat ik haar niet versta? Vraag ik haar om het te herhalen? Of speel ik het spel mee en glimlach ik alsof ik het gehoord heb? Maar het is donker…
Ik koos om niet te doen alsof, voor eerlijkheid.
“Lieverd, ik hoor je niet zo goed. Ik hoor alleen hard fluisteren, wil je het nog eens zeggen?”
Ze keek me even aan. Geen frustratie. Geen teleurstelling. Ze kwam gewoon nóg iets dichterbij en zei het opnieuw. Dit keer verstaanbaar. Opluchting bij mij.
En toch bleef die vraag hangen.
Verpest ik het moment als ik zeg dat ik haar niet hoor?
Het antwoord is confronterend en geruststellend tegelijk. Nee… maar het voelt soms wel zo.
Fluisteren is liefde… en soms ook gemis
Fluisteren is iets bijzonders. Het is geheimtaal. Vertrouwen. Verbinding. Zeker tussen ouder en kind. Maar ook met mijn geliefde. Het zijn precies die zachte momenten waarin mijn gehoorverlies het meest kwetsbaar wordt.
Niet in drukke ruimtes. Niet in gesprekken met meerdere mensen. Daar durf ik steeds vaker te vragen om herhaling, doe ik minder alsof. Maar juist daar, in de stilte van de avond, wanneer iets kleins groots voelt.
En ja, soms doet dat pijn.
Omdat ik wil meedoen in dat moment. Zonder onderbreking. Zonder uitleg. Gewoon zoals het “hoort”.
De keuze die ik maak als moeder
Ik merk dat ik steeds bewuster keuzes maak. Niet alleen praktisch, maar ook emotioneel.
Ik kan:
– doen alsof ik haar begrijp (en het moment laten doorlopen),
– of eerlijk zijn (en het moment even onderbreken, maar wél echt aanwezig zijn).
Vroeger koos ik vaker voor de eerste optie. Gewoon meegaan. Niet lastig doen. Niet weer degene zijn die “het niet hoort”. Of die iets anders nodig heeft dan de rest.
Maar inmiddels weet ik, echte verbinding zit niet in perfect meedoen, maar in oprechte aandacht. En dat gaat verder dan taal. Zonder woorden te zeggen, of te horen, juist door te zien of te voelen.
Dus ik kies vaker voor eerlijkheid. Als moeder wil ik mijn kinderen namelijk leren dat het leven vol met uitdagingen zit. Dat we op sommige dingen geen invloed hebben in hoe het gaat, maar wel in hoe we ermee omgaan. Dat we kwetsbaar mogen zijn, ook al is dat lastig. En vanuit die boodschap lukt het mij steeds beter om ‘niet te doen alsof ik het wel verstaan of begrepen heb’, maar gewoon om te kiezen voor die kwetsbaarheid.
En weet je wat bijzonder is? Kinderen passen zich moeiteloos aan. Zonder oordeel. Zonder gedoe. Maar ze communiceren ook vanuit zichzelf. Ik zal het dus echt moeten blijven aangeven.
Wat mijn dochter mij leert
Mijn dochter leert mij iets waar ik zelf nog dagelijks in groei… dat het oké is om dingen anders te doen. Om aan te mogen geven dat ik iets nodig heb van de ander.
Ze fluistert nog steeds.
Maar soms fluistert ze nu “hard”.
Soms tikt ze me eerst even aan.
Soms zegt ze: “Mama, luister goed, dit is belangrijk.”
Ze denkt mee. Zonder dat het zwaar wordt.
En misschien is dat wel de echte winst.
Verlies… en winst
Gehoorverlies voelt vaak als iets dat momenten afpakt. En eerlijk is eerlijk, dat gebeurt ook. Daar verander ik niets aan, maar wel in hoe ik ernaar kijk. Ik hoor ‘hard fluisteren’, dat maakt het moment niet anders, alleen met iets meer volume.
En het dwingt me ook om bewuster te zijn:
– écht te kijken,
– écht te luisteren (op mijn manier),
– en eerlijk te zijn over wat ik nodig heb.
En misschien maak ik momenten daardoor niet minder mooi… maar juist echter.
Dus… verpest ik het moment?
Nee.
Ik maak het misschien anders.
Soms iets minder vloeiend.
Maar ook eerlijker. Eerlijk dichtbij.
En uiteindelijk is dat wat telt.
Want als mijn dochter later terugdenkt aan deze momenten, hoop ik niet dat ze zich herinnert dat ik alles perfect hoorde. Dat ze voelde dat ik deed alsof (ik haar hoorde).
Ik hoop dat ze zich herinnert dat ik er écht was. De moeite deed om te vragen naar een herhaling van haar woorden, omdat ik haar echt wil horen.
Ook als ze zachtjes fluisterde.
2 Reactie's
Wat een mooie, herkenbare blog!
Ik denk dat kinderen heel puur zijn: mama hoort niet goed dus moet ik ‘hard fluisteren ‘. Voor haar is dat niet minder intiem, niet minder verbindend. Voor ons, volwassenen alleen wel. Wij moeten nog leren te zijn als je dochter.
Wat mooi verwoord! Ja je maakt het soms minder vloeiend, maar ook eerlijker.
Ik vind het soms ook wel een zoektocht, het opvoeden in omgaan met gehoorverlies, terwijl ik mezelf en mijn volwassen omgeving nog ‘heropvoed’. Soms is het voor mij heel beladen wanneer mijn kind wél boos wordt wanneer ik niet hoor wat die zei, terwijl het voor hem dan gewoon net het moment is waarin frustraties samenkomen.